Keukentafelgesprek is zeer vernederend

Trouw - Opinie artikel door Jacqueline Kool.
De gemeente stelt in een zogenaamd keukentafelgesprek de zorgbehoefte van de gehandicapte burger vast. De uitkomst staat van tevoren vast, heeft Jacqueline Kool ervaren.  

Het keukentafelgesprek is de nieuwe toverformule voor de decentraliserende overheid. De gemeente komt bij je thuis om samen te kijken wat je als zorg-burger nodig hebt. De uitkomst is altijd dat wat je nodig hebt minder kost dan nu.

Onlangs mocht ik als zorg-burger zo’n keukentafelgesprek ondervinden telefonisch weliswaar. De gemeente voorziet haar aankondiging van het gesprek direct van een dreigement: “U bent verplicht mee te werken aan dit gesprek. Wanneer wij u op bovenstaande datum niet kunnen bereiken, dan heeft dat consequenties voor uw indicatie hulp bij het huishouden.” Een tijdstip wordt niet gemeld.

Ik heb in mijn carrière als gehandicapte burger nog nooit zo’n paternalistisch en vernederend gesprek meegemaakt met onze overheid, als nu naar aanleiding van de Wet maatschappelijke ondersteuning.

Vooraf vroeg ik de Wmo-mevrouw: “Ik heb begrepen van anderen dat ik, ongeacht mijn persoonlijke situatie, een indicatie krijg van anderhalf uur per week omdat de gemeente dat als norm bepaald heeft”. Dat klopte. Maar van haar leidinggevende moest ze toch de vragen stellen.

Allereerst werd gecheckt of het dossier klopt dat ik geen zware huishoudelijke taken aankan: stofzuigen, dweilen. “Ja, ik heb een progressieve ziekte, als ik bij de indicatie van acht jaar geleden niet kon stofzuigen, kan ik dat nog steeds niet.” Een opsomming van medium en lichte taken volgde.

“U kunt niet stofzuigen. Maar zou u niet de vensterbank kunnen afstoffen? U kunt niet zelf een laken in de wasmachine stoppen, maar kunt u wel zelf een onderbroekje of sokken in de machine doen? Uw bed verschonen; kunt u dat zelf ?” Ik: “Nee, dat doet de hulp”. Zij: “En hoe vaak verschoont u uw bed?” Ze noteerde ‘dat mevrouw hier geen antwoord op wilde geven’.

Op de vraag of familie of buren niet wat meer zouden kunnen doen, zei ik dat ze in haar dossier kon lezen dat ik in een Fokus-project woon en al mijn buren een Wmo-indicatie hebben en iedereen – inclusief ikzelf – al alles doet wat ie kan.

De rechter veroordeelde onlangs een Friese gemeente en ook staatssecretaris Van Rijn zei: gemeenten mogen niet zonder gedegen herindicatie korten op huishoudelijke hulp bij ouderen en mensen met een beperking.

Dat is mooi, maar zouden staatssecretaris en rechter weten hoe gemeenten die zogenaamd wel een gedegen herindicatie doen, die keukentafelgesprekken voeren? En dat de uitkomst vooraf vaststaat?

De overheid wil een participatie-samenleving en stuurt lieftallige spotjes de wereld in van zelfredzame burgers die nu eindelijk de zorg krijgen – van hun naasten – die ze nodig hebben. Ondertussen moet ik bijna mijn baan opgeven om voortaan mijn schaarse energie te besteden aan het wassen van mijn sokken. Ik vroeg de Wmo-mevrouw waarop die anderhalf uur eigenlijk gebaseerd is, want dat je daar geen huishouden van schoonhoudt. Antwoord: de gemeenteraad heeft bepaald dat anderhalf uur huishoudelijke hulp genoeg is ‘om niet te vervuilen’.

En weet u wat zo erg is? Deze hele herindicatie operatie en de machinerie van verantwoording en controle om te voorkomen dat mensen ook maar één uur onterecht declareren, kost zoveel geld... Daarvan zouden huishoudelijke hulpen met hun 15,50 euro per uur jaren de zorg kunnen leveren die nodig is.